Overtijd

 

 

Wat gebeurt er precies als je overtijd raakt?
Tot 14 dagen na de uitgetelde datum is een normale periode om in te bevallen. Pas ná die twee weken, ná 42 weken zwangerschap, ben je overtijd.  De medische term hiervoor is ‘serotien.’
Na 42 weken zwangerschap ga je altijd in het ziekenhuis bevallen en wordt de bevalling niet meer door één van ons begeleid. Slechts 3 % van alle zwangeren bevalt na 42 weken.
Tussen 41 en 42 weken zwangerschap, krijg je één of twee extra controles. Dit noemen we "het naderende serotiniteitsconsult .”
Tijdens het eerste naderende serotiniteitsconsult meten we je bloeddruk en maken we een  CTG en een echo. Een CTG  is een registratie van de hartslag van de baby en mocht de baarmoeder al  een beetje actief zijn, dan wordt dit ook geregistreerd.
Bij de echo is de beoordeling van de grootte van de baby, de bewegingen van de baby en de hoeveelheid vruchtwater belangrijk.
Als alle bevindingen oké zijn, wachten we af. De tweede controle naderende serotiniteit is zonder echoscopie. Mocht je uiteindelijk de termijn van 41 weken-en 6 dagen bereiken, dan maken we een afspraak bij de gynaecoloog voor het inleiden van de bevalling. 

 

 

Strippen
Bij de verloskundige kan je tussen 41 en 42 weken er voor kiezen om te “strippen”.
Dit houdt in dat de verloskundige tijdens het inwendige onderzoek probeert wat ruimte te maken tussen de baarmoedermond en de vliezen. Deze handeling kan de bevalling als het ware een zetje geven. Er komen door het strippen chemische stoffen vrij (prostaglandines). Soms kan je na het strippen een klein beetje bloed en/of slijm verliezen, dit is normaal. Het strippen is niet risicovol voor jou of de baby.
Via wetenschappelijk onderzoek (2007)  is aangetoond dat strippen zinvol is: het geeft een grotere kans -25% meer kans- op het spontaan op gang komen van de baring vóór de 42 weken. Je kan het strippen om de dag herhalen. Te vroeg strippen heeft geen enkele zin, daarom bieden wij het strippen aan vanaf 40 weken-en-6 dagen.

 

vliezen breken
Ook kan de verloskundige voorstellen om de vliezen te breken als je bijna 42 weken zwanger bent én als het niet je eerste kindje is. Of dit voor jou een mogelijkheid is, zal de verloskundige met jou bespreken naar een inwendig onderzoek. Als de bevalling na het breken van de vliezen niet uit zichzelf op gang komt, ga je naar het ziekenhuis voor het opwekken van de weeën.

Inleiden

Als je overtijd bent, kan je worden ingeleid, de bevalling wordt dan kunstmatig opgewekt.Je wordt ingeleid als je langer zwanger bent dan 42 weken of als het niet goed gaat met jou of je baby. Je verloskundige verwijst je dan door naar de gynaecoloog. Dit betekent dat je in het ziekenhuis moet bevallen met een medische indicatie. Er zijn verschillende manieren om een bevalling op te wekken (inleiding). Voor welke methode van inleiden wordt gekozen ligt aan hoe rijp de baarmoedermond is en ook de hoeveelste bevalling dit voor jou is.

* Als de baarmoedermond nog helemaal niet rijp is, dan wordt de inleiding gestart door vaginale tabletten of een ballonkatheter (een ballonnetje dat de baarmoedermond oprekt). Vaak komen daarna de weeën vanzelf op gang maar soms heb je nog een infuus nodig met weeën-opwekkers.

* Als de baarmoedermond rijper is, is er sprake van ontsluiting (je hebt dan 1-2 centimeter), dan wordt de inleiding gestart door het kunstmatig breken van de vliezen. Bij een eerste bevalling komt dit niet vaak voor.

* Een infuus met weeën-opwekkers wordt vaak pas in tweede instantie toegepast. Als de baarmoedermond nog niet rijp is slaan de medicijnen in het infuus vaak niet aan. Soms kan het dan nog even duren voordat je gaat bevallen. Als de inleiding start met het breken van de vliezen, dan wordt je baby vaak binnen 24 uur geboren. Als je baarmoedermond bij het inwendig onderzoek onrijp is, kan de inleiding enkele dagen duren. Als een ingeleide bevalling lang duurt is de kans op medische ingrepen groter: er is vaker pijnstilling nodig, vaker een infuus met weeën op-wekkers en de kans op een keizersnede neemt toe.